De toon aanpassen (Klank)

Past de toonkwaliteit van het geluid aan.

Druk op OPTION.

Het scherm met het optiemenu wordt weergegeven.

Gebruik shirosankaku shirosankaku-Reverse om “Klank” te selecteren en druk vervolgens op ENTER.

Het scherm Klank wordt weergegeven.

Gebruik White-Arrow-Left White-Arrow-Right om de klankbesturingsfunctie in of uit te schakelen.

Aan:

Toonaanpassing toestaan (hoge tonen, lage tonen).

Uit
(Standaard) :

Weergave zonder toonaanpassing.

Selecteer “Aan” in stap 3 en druk op shirosankaku-Reverse om het aan te passen geluidsbereik te selecteren.

Lage tonen:

Stelt de lage tonen in.

Hoge tonen:

Stelt de hoge tonen in.

Gebruik White-Arrow-Left White-Arrow-Right om de toon te regelen en druk dan op ENTER.

-6 dB – +6 dB (Standaard : 0 dB)

Bewaar “Klank” voor iedere invoerbron.

U kunt dit niet instellen wanneer de geluidsmodus is ingesteld op “Direct” of “Pure Direct”.

Dit item kan niet worden ingesteld wanneer “Dynamic EQ” is ingesteld op “Aan”. koppeling

U kunt dit niet instellen wanneer er geen audiosignaal wordt ingevoerd of als in het menu “HDMI audio uit” is ingesteld op “TV”. koppeling

U kunt dit niet instellen wanneer de Ingangsmodus is ingesteld op “7.1CH IN”.

naar boven